DIRECTOIRE DECIMALE PENDULE Laurant à Paris / Coteau Ca. 1795 Frankrijk

Pendules

M&R79

DIRECTOIRE DECIMALE  PENDULE
Gesigneerd: Laurant à Paris / Coteau
Circa 1795
Frankrijk

Uurwerk
Rond, messing platine-uurwerk op ankergang met slinger. Het slagwerk op sluitschijf slaat op het halve uur eenmaal en op het hele uur voluit op een bel, die zich achter het uurwerk bevindt. Het gaand- en slag¬werk worden ieder door een veer in veerton aangedreven.

Wijzerplaat
De ronde, wit geëmailleerde wijzerplaat is voorzien zwarte Arabische cijfers voor de uuraanduiding, zwarte Arabische cijfers voor de kwartier-aanduiding en minu-tenpuntjes. De ajourgezaagde en gegraveerde uur- en minuutwijzers zijn vervaardigd van vuurverguld messing. De binnenste cijferring met rode Romeinse cijfers dient voor de decimale tijd. De blauwstalen wijzer met pijlpunt geeft de decimale tijd aan. Bij de decimale tijd wordt de dag verdeeld in 10 uren. Om 12 uur ‘s middags zal de decimale klok dus op 5 uur staan. De opwindgaten zijn symmetrisch geplaatst bij de 8 en de 4. De signatuur Laurant à Paris is onder in het centrum geplaatst. Op de uiterste benedenrand van de wijzerplaat is de signatuur van de emailleur Coteau geplaatst. Boven de 12 bevindt zich de reglage van het gaandwerk. De wijzerplaat wordt afgeschermd door een bol glas, gevat in een vuurverguld, gegoten lunet.

Kast
De klok is voorzien van een witmarmeren voet met aan de voorzijde drie uitsparingen die worden opgesierd met een gegoten messing vuurvergulde ornament. Op de voet staan twee zuilen, waartussen het ronde uurwerk zit bevestigd. De zuilen zijn vervaardigd van zwart marmer en staan elk op een wit marmeren voet. Op die voet is een messing gegoten en vuurverguld ornament aangebracht, voorstellende militaire attributen die door middel van een lint bij elkaar worden gehouden. Om elke zuil staan vier paaltjes waartussen een ketting hangt. Op de zwart marmeren zuilen zijn kettingen aangebracht waarvan de ene kant vastzit aan het uurwerk en de andere zijde los voor de zuil hangt met aan de onderzijde een bal. Elke zuil wordt bekroond door een witmarmeren bol. Op het uurwerk staat op een witmarmeren voet een vrouwfiguur met in de ene hand een hart en in de andere hand een tak met bladeren. De slinger die zich tussen de twee zuilen beweegt is vervaardigd van vuurverguld gegoten messing en stelt het hoofd van Apollo voor, omringd door zonnestralen. Het geheel staat op acht messing vuurvergulde geprofileerde pootjes.

Loopduur 8 dagen

Hoogte 51 cm.
Breedte 30 cm.
Diepte 12 cm.

Literatuur
Tardy, Dictionnaire des Horlogers Français, blz. 352. en blz. 141.

Laurant / Laurent
In het Parijse museum Musée Carnavalet bevindt zich een decimale pendule in de collectie gesigneerd Laurent à Paris

Coteau
Joseph Coteau was werkzaam in Parijs en was maker van wijzerplaten. Hij is geboren in 1740 en overleden in 1812. In 1778 was hij werkzaam in Rue Poupée.

DECIMALE TIJD:
Gewone tijd Decimale tijd
24 uren per dag 10 uren per dag
60 minuten per uur 100 minuten per uur
1,440 minuten per dag 1,000 minuten per dag
60 seconden per minuut 100 seconden per minuut
3,600 seconden per uur 10,000 seconden per uur
86,400 seconden per dag 100,000 seconden per dag
Hoe vergelijken deze decimale tijdseenheden zich met onze “normale” tijd? Decimale seconden zijn een beetje korter want we hebben er wat meer in een dag. Decimale minuten duren langer dan normale minuten en decimale uren zijn flink wat langer dan de uren die we nu kennen. Hier is een tabel die decimale tijd omzet naar normale tijd.
1 decimale seconde = 0.864 “normale” seconde
1 decimale minuut = 1.44 “normale” minuut
1 decimal uur = 2.4 “normaal” uur

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
• 22 september 1794: De dag wordt decimaal verdeeld.
• 7 april 1795: De decimale dagindeling wordt (na een half jaar) weer afgeschaft. Bij dezelfde wet waarin de decimale maten en gewichten juist werden ingevoerd.
De Franse revolutie had van Frankrijk een seculiere staat gemaakt die zich afzette tegen alles wat kerks was, de gregoriaanse kalender inbegrepen. De Franse republikeinse kalender, ontworpen door Romme en Fabre d’Églantine, werd tijdens de Franse Revolutie ingevoerd en wordt ook aangeduid met de termen Franse revolutionaire kalender en Jacobijnse kalender. Hij was van 5 oktober 1793 tot 1 januari 1806 officieel in gebruik, terwijl hij gedurende de commune van Parijs in 1871 sporadisch gebruikt is.
Na de bezetting van de Zuidelijke Nederlanden door Frankrijk in 1794, werd ook in België de Republikeinse kalender ingevoerd in de Burgerlijke Stand vanaf 17 juni 1796, en algemeen verplicht vanaf 3 april 1798. Op 10 Nivôse van het jaar XIV (31 december 1805) werd het systeem afgeschaft. Op 1 januari 1806 ging men opnieuw over op de gregoriaanse kalender.
De Franse revolutionaire kalender was ook een uiting van een technocratische denkwijze die met het verleden wilde breken. Bij de decimaal verdeelde kalender behoorde sinds het decreet van 4 Frimaire van het jaar II (24 november 1793) ook een nieuwe decimale urenindeling van de dag. Tien uren van ieder 100 minuten van elk honderd seconden zouden het dagritme moeten gaan bepalen. Vooral omdat er bij de kwart voor en kwart over geen cijfers stonden (immers 7,5 en 2,5) vond het nieuwe systeem weinig weerklank. Te meer daar de tijd alleen als tijdstip werd gebruikt; men rekende nog niet met tijdsduur, waardoor de decimale opbouw geen voordeel bood. Hierdoor heeft deze indeling nooit veel ingang gevonden. Bovendien waren de klokken gecompliceerd doordat men ook de oude tijd wilde aangeven. Daardoor was de productie gering en klokken met een tienuren-wijzerplaat zijn uiterst zeldzaam. De week werd vervangen door de decade, een periode van 10 dagen. Dat betekende dat er nog maar een op tien dagen vrij was in plaats van een op zeven, en dat heeft de acceptatie bepaald niet geholpen. Het bijbehorende decimale stelsel van maten en gewichten had meer succes. Hoewel ook dat weer tijdelijk werd afgeschaft veroverde het (bijna) de gehele wereld; in de wetenschap zelfs compleet.

Lees meer Neem contact op